m staat voor mijzelf
l staat voor lichaam
m: wie ben je ?
l: ik ben alfred.Lees meer...
m: is je lichaam dat `ik`
waarover je spreekt ?
of stelt je mond dat `ik`
voor, of je handen ?
l: de mond, de tong, het lichaam,
alle tezamen vormen dat `ik`
m: op zijn lichaam wijzend
wiens lichaam is dat?
l: mijn lichaam.
m: zo je bent dus iets anders
dan dit lichaam
jij bent de bezitter en
het lichaam is het eigendom
l: ja ik begrijp het
ik ben iets anders dan
mijn lichaam, maar ik kan
niet duidelijk zien, waar
de grens loopt tussen
mijn lichaam en mijn
zelf ik kan ze niet zien,
wie ben ik?
m: ga en ondervraag jezelf,
en je zult ervaren,
wie je bent
l: tot wie moet ik de vragen
richten, en moet ik vragen ?
m: richt de vragen tot je
zelf en de bron op,
waaruit je `ik`ontsprinkt,
en het antwoord zal tot
je komen.
deze wordt niet geboren,
noch sterft hij ooit,
evenmin zal hij,
daar hij geweest is,
eens niet meer zijn,
ongeboren, blijvend,
eeuwig, vanouds bestaand,
wordt hij niet gedood,
als het lichaam gedood wordt.
evenals een mens, na zijn versleten
kleren te hebben afgelegd,
andere nieuwe neemt , zo
gaat de belichaamde,
na zijn versleten lichamen
afgeworpen te hebben,
in andere nieuw over.
m: als uw lichaam uzelf zijt,
waarom zegt ge dan
mijn lichaam ?
ieder spreekt toch van
zijn eigendom als van
mijn kleren,en mijn goud,
toon mij dan iemand,
die zich met zijn
kleren en goud,
vereenzelvigt en zegt
`ik`ben de kleren en het goud.
l: de mensen zeggen ik denk,
ik ga.zeg mij toch, wat
`ik`in dit geval betekent ?
m: ik denk, betekent de
verbinding met de
denkfuctie,en in andere
gevallen wordt evenzo de
verbinding met het
lichaam, de zintuigen en
het vermogen bedoelt.
wandt indien daartegen
het `ik`met dit alles
identiek ware hoeveel
ikken zouden er dan wel
zijn !
gij neemt een figuurlijke
beschrijving aan als de
daaraan ten grond
liggende stand van zaken.
l: wat betekent het, als
iemand zegt ik verlies
mijn leven, en verliest
het ene leven dan het
andere ?
m: de eigenlijke betekenis
van het woord
leven is (levens adem)
als levenskracht, maar
over het zelf spreekt men
in figuurlijke betekenis
ook als van leven.
waarom zoekt ge toch uw
eigen ongeluk, door uw
gelijk te stellen met het
vergankelijke lichaam,
dat uit vlees, bloed,
beenderen,vet,enz
bestaat, terwijl de
heilige overlevering toch
leert,dat het zelf is
zijn inzicht,zaligheid
wie het lichaam tegenstaat
dat schuld is aan de
eindeloze wederkeer
van geboorte en dood,
wie zich vrij wil maken,
die beschouwt het lichaam
met even grote afschuw
als het vuil op de weg,
waarin hij bij vergissing
getrapt heeft.
houd uw lichaam niet voor
het zelf.
doorgrond die,welke in
u woont,dien die in
het hol woont, en ge zult
u eens en vooral
vrijmaken van lijden,
geboorte en dood.
het `hol`is uw hart
die daarin woont,
heet ,god,
en ik ben het.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten